Items in basket:
0 items

Kettel: My Dogan

Info:
Author:  Xavier-Pascal
Magazine:  Digg
Review language:   Dutch

Artist:   Kettel

Rating: 
9/10
Review date:  23 Jun 2006



Review:

Het moet ongeveer een jaar geleden zijn dat we de muziek leerden kennen van de Nederlandse elektronica-artiest Kettel. Het was tegelijk onze eerste kennismaking met het (op dat moment) kersverse label Sending Orbs, dat in het leven werd geroepen door het triumviraat Wouter Eising, Bas de Kort en Kris Peters om de wereld te verblijden met kwalitatief hoogstaande elektronica, verpakt in juweeltjes van hoesjes. Na Through Friendly Waters (de vorige Kettel-plaat) verscheen ook nog nieuw werk van Secede, Funckarma en onlangs nog Yagya. ‘My Dogan’, de nieuwe Kettel, is aflevering zes in de Sending Orbs-story, al moet daarbij gezegd dat aflevering 4, ‘Disfold’ van Blamstrain, nog niet is verschenen.

Reimer Eising, 24 dit jaar en de man achter Kettel, kan nu al een indrukwekkende reeks adelbrieven voorleggen. Talloze tracks op evenveel genrecompilaties, remixes (o.a. voor Depeche Mode) en een pak e.p.’s. Met ‘My Dogan’ is de Groninger aan zijn zesde langspeler toe, die maar liefst achttien tracks telt (de kortste duurt 52 seconden, de langste 7 minuten 26) en gezwind de grens van de zeventig minuten overschrijdt. Geen seconde hebben we ons verveeld, want ‘My Dogan’ is een erg gevarieerd album geworden, waarop Eising het allerbeste van zijn vroegere werk naar hartelust en met succes combineert. En in tegenstelling tot Through Friendly Waters (zes nieuwe tracks, één oude en enkele VPRO-opnames) vormen de achttien tracks op ‘My Dogan’ wel één mooi geheel. In het verleden werd de muziek van Kettel wel eens vergeleken met die van Plaid, Black Dog en andere Aphex Twins. Wij, volbloedleken in dit genre, hoeden ons echter voor overmoedig namedroppen. Dat neemt echter niet weg dat wij niet ongevoelig zouden zijn voor de schoonheid van dit album. Je hoeft inderdaad geen kenner of full time elektronaut te zijn om te kunnen genieten van ‘My Dogan’. Toen wij jaren geleden voor het eerst ‘Music Has the Right to Children’ van Boards of Canada hoorden, waren we daar ook meteen wég van, ook al viel het Schotse tweespan in onze platenkast geen beetje uit de toon tussen al dat snarengeweld. Zodus...

Zéventig minuten, zie ik u al denken, is dat niet een beetje lang voor één plaat? Nee, toch niet als er zoveel variatie inzit. Hoofdmoot zijn de langere, warme en van prachtige melodieën voorziene stukken, waarin de hand (en het inventieve brein) van de geschoolde pianist duidelijk hoorbaar is. Gooi daar dan nog een lading zorgvuldig geselecteerde found sounds bij en je krijgt de perfecte soundtrack voor wanneer u nog eens met weemoed terugdenkt aan die mooie, zorgenloze zomers uit uw kindertijd. Vele mensen zullen dit ervaren als kalmerend, anderen (meer rusteloze zielen) gaan zich nu misschien afvragen of ‘My Dogan’ dan geen saai en monotoon werkstuk is geworden. Het antwoord luidt: nee, helemaal niet. Want net zoals stenen die boven een rimpelloos wateroppervlak uitsteken, plaatste Kettel tussen de lange, dromerige tracks B.O.C.-gewijs ook heel wat enkele korte, drukkere stukjes, die de natuurlijke flow verstoren en de (pootjesbadende) luisteraar alert en wakker houden.

Kettel blíjft één van de interessantste, inventiefste en creatiefste geesten die in dit genre actief zijn. Met ‘My Dogan’ doet hij het – naar onze bescheiden mening – zelfs beter dan Boards of Canada op hun laatste worp, The Campfire Headphase. Deze plaat waaiert de woonkamer binnen als een verkoelend briesje op een zwoele zomerdag. Als de voorspellingen van onze weerman een beetje kloppen, dan mag ‘My Dogan’ zich nu al voorbereiden op een pak overuren kin onze stereo!